• No Direction ‘unplugged’

  • Vorige maand heeft No Direction meegedaan aan Gluren bij de Buren in Utrecht. Het concept is simpel: inwoners van de stad stellen hun huiskamer een middag beschikbaar voor een culturele activiteit. Het aanbod kan bestaan uit muziek, dans, theater, cabaret, poëzie tot ‘performance art’, verzin het maar. Om de doorstroming te bevorderen duurt elk optreden maximaal een half uur, met desgewenst een aantal herhalingen om een groter publiek te bereiken.
    Dit jaar waren er maar liefst 185 podia aangemeld. Een daarvan behoorde toe aan een collega die ons, na alle mooie verhalen, weleens wilde horen spelen. Zijn huis, midden in de wijk Wittevrouwen, bleek bij uitstek geschikt voor een Gluursessie: omdat de architect de bewoners van het souterrain wel wat hoofdruimte gunde, was het zitgedeelte van de woonkamer licht verhoogd ten opzichte van de rest van de ruimte. Even de bank opzij en ons podium lag klaar.
    In een huiskamer moet je geen Marshall-toren neerzetten, maar helemaal ‘unplugged’ spelen is ook geen goed idee. Ook in een bescheiden ruimte kunnen stemmen en akoestische instrumenten helemaal verwaaien en zonder knoppen valt er aan de balans niks meer te verspijkeren. Een beetje galm op de stemmen is trouwens ook nooit weg. Daarom toch maar wat spullen meegenomen om de zang, de akoestische gitaar en bas, de cajon en natuurlijk het keyboard wat meer body te geven.
    Dat doet niets af aan het bijzondere karakter van zo’n akoestische setting. Om te beginnen hoor je elkaar veel beter. Slagjes die niet helemaal strak zijn of een raar nootje in de achtergrondzang verdwijnen normaal in een muur van geluid. Maar niet als je snoerloos speelt. Dan wordt ook meteen duidelijk welke partijen functioneel zijn en welke je probleemloos (of zelfs beter!) kunt weglaten. Niet voor niets heeft de Golden Earring z’n album met akoestische versies ‘de naakte waarheid’ genoemd (maar dan in het Engels).
    Niet elk nummer leent zich even goed voor zo’n aanpak. Nummers waarin de zang voluit moet om ze lekker te laten klinken, passen niet lekker in de veelal intieme sfeer. Andere fleuren juist helemaal op in zo’n ingehouden versie. Mag het licht uit van De Dijk bijvoorbeeld. Heel lang niet gespeeld, maar bij het aftellen hoorde je al dat het goed zat.
    Het recente overlijden van David Bowie gaf ons een goed excuus om Heroes weer eens af te stoffen. Kenmerkend voor dat nummer is de aanhoudende gitaartoon, voortgebracht met behulp van een apparaatje (E-bow) dat de snaar continu in trilling houdt. Op een akoestische gitaar kun je dat gerust vergeten. Heel vaak aanslaan is dan een alternatief, maar dat klinkt dan weer voor geen meter. Uiteindelijk kwamen we uit op een vorm die zich het best laat omschrijven als Bowie meets the Eagles. Waarmee in een moeite door een eerbetoon aan Glenn Frey was geregeld.
    Ook Don’t you forget about me van de Simple Minds hebben we flink gestript. Prima nummertje om op zondagmiddag een gezellig volle huiskamer te laten meezingen. De tekst is immers niet al te la-la-la-lastig. De muziek in deze periode (we spreken over 1985) stond wel bol van de synthesizers en dat past weer niet zo in een akoestische set. Gelukkig zitten er ook genoeg ‘vintage’ piano’s, Wurlitzers en Hammonds in de digitale toverdoos.
    De grootste uitdaging bleek uiteindelijk Radar Love. Hans de drummer had nog nooit op een cajon gespeeld en kwam er in de loop van de middag achter dat eelt op je handen en soepele rugspieren wel aan te bevelen zijn. Ondanks zijn fysieke ongemakken bracht hij de wereldhit van de Earring tot een goed einde, inclusief de rollende drumbreaks. Maar bij een volgend akoestische optreden (en wat ons betreft komt dat er zeker!) gaat er wel een snare en een set brushes mee.